✍️ Uit het dagboek van een vreemde snuiter
Sommige mensen zijn vreemde snuiters. Ik behoor daartoe.
Zit in mijn eentje in de woonkamer. Voor de zoveel duizendste keer. Vol verwondering. Hoe komt het toch dat alles vervuilt?
Een poosje geleden bedacht ik dat mijn appartementje iets nodig heeft op de betonnen vloer. Maar wat? Uiteindelijk gekozen voor witte verf van de Lidl. Lekker goedkoop.
Wit toont licht. Maar ook vuil. Het wit krijgt steeds meer kleur. Vale en viezige kleur. Zelfs als ik er niet over loop. Gewoon vanzelf.
Niet alleen alles vervuilt vanzelf. Ook rommel vermeerdert zich vanzelf. Laat ik ergens iets liggen... op een tafel, op de vloer, het aanrecht, waar ook maar... dan hoopt vanzelf van alles zich daar op. Van zelf. Van alles. Onvermijdelijk.
Dus alles vervuilt en verrommelt vanzelf. Met álles bedoel ik ook echt alles. Want gisteren realiseerde ik me dat 't in het bos precies zo gaat. In elk geval in het bos hier rondom mijn dorp. Steeds meer dode bladeren, afgebroken takken, omgevallen bomen, schimmels, gaten in de grond, modderpoelen, hondenstront en paardenpoepen.
Niemand die het ziet. Niemand die erover valt. Niemand die zich er het hoofd over breekt. Behalve ik. Soms. Even. Kort.
Overigens: sommigen balen er van. Als ze struikelen over een omgevallen boom. Trappen in die ongeziene drol. Of als ze een vallende tak op hun hoofd krijgen.
Dat laatste presteerde ik in de zomer van 2018. Op een volkomen windstille dag. Moest er voor naar de eerste hulp in het ziekenhuis. M'n schoonzoon vond dat ik Staatsbosbeheer moest inlichten. Maar als ik daaraan begin, komt er geen einde aan. Continu vallen er takken en bomen. Ga maar kijken. 't Lijkt wel een oorlogsbos. Bosoorlog. Bomenslachtveld. Bosbegraafplaats. Zoiets.
En nou heb ik genoeg van dit gezever.
© Robberto Bos, mei 2021